De Zot (Amandán)
De Zot, in het Iers en Schots-Gaelisch bekend als Amandán, was een sociale fee. Ze werden soms als wijzer beschouwd dan hun meesters.
Volgens W. B. Yeats resideerde de Grote Zot, of Amandán Már, in het feeënpaleis. In Yeats’ beschrijving van The Queen and The Fool bezaten de feeënkoningin en de zot in het koninklijke huishouden grote machten.
Het was beter deze twee figuren in het paleis te vermijden, omdat hun aanraking bij elke sterveling een verlammende aanval of zelfs de dood kon veroorzaken. Deze aanraking stond bekend als poc sídhe of de “feeënstoot”. Het woord “stoot” is de Engelse medische term voor een beroerte (cerebrale bloeding). De Zot diende vooral tijdens de maand juni vermeden te worden.
Gerelateerde informatie
Naam
Amandán, amandan – "Zot" (Iers & Schots-Gaelisch).
Amandán Mór – "Grote Zot".
Cultuur
Iers, Schots-Gaelisch.
Type
social.
Bronnen
Fairy and Folk Tales of the Irish Peasantry (1888) en The Celtic Twilight (1893) werden geschreven en bewerkt door William Butler Yeats.