Catullus 86 Vertaling
Inleiding
In Catullus 86 reflecteert de dichter op de schoonheid van een vrouw genaamd Quintia. Hoewel zij door velen als mooi wordt beschouwd, vindt Catullus dat ze geen gratie bezit. Catullus vindt haar “knap, lang en recht.” Hij beschouwt haar niet als mooi omdat ze gratie mist. Vervolgens zegt hij dat ze misschien wel lang is, maar dat er geen greintje zout in haar hele lichaam zit. Het zout zou humor of charme kunnen zijn, een eigenschap die haar gratie zou kunnen verlenen.
Catullus wendt de laatste twee regels vervolgens naar Lesbia. In die regels stelt hij eenvoudig: “Lesbia is mooi.” Vervolgens deelt hij mee dat zij alle gratiën voor zichzelf heeft gestolen. Hiermee heeft ze niets voor Quintia overgelaten.
Quintia heeft misschien alle eigenschappen die de meeste mensen mooi vinden. Maar zonder innerlijke schoonheid is ze niets voor Catullus. Quintia is misschien het gesprek van Rome, maar ze is niet veel meer dan een knap gezicht.
Door zijn hele poëzie heen heeft Catullus de lezers laten zien dat hij innerlijke schoonheid belangrijker vindt dan uiterlijke schoonheid. Bedenk dat er geen manier is waarop Lesbia werkelijk alle gratiën voor zichzelf heeft kunnen stelen, maar in de ogen van Catullus is zij de ideale vrouw. In de Latijnse tekst gebruikt hij het woord “una” dat “samen” betekent wanneer hij over Lesbia’s innerlijke kwaliteiten spreekt. Deze woordkeuze zou kunnen betekenen dat ze niet werkelijk alle gratiën bezit, maar meerdere ervan samen.
Het is duidelijk dat Catullus sterke gevoelens heeft voor Lesbia. Maar zou zijn afwijzing van Quintia een vorm van rebellie tegen de patriciërs van Rome kunnen zijn? Dichters gebruiken hun woorden vaak om tekortkomingen in de maatschappij aan te wijzen. Zijn rebellie tegen degenen die uiterlijke schoonheid boven innerlijke schoonheid plaatsen, zou kunnen aantonen hoe oppervlakkig het volk van Rome is. Dit is vaak het geval bij heersende klassen die er beter proberen uit te zien dan alle anderen, maar weinig inhoud hebben. Er is niets zo treurig als een mooie vrouw die nergens over kan praten, omdat ze alleen bezig is met zichzelf en haar uiterlijk. Dit moet zijn hoe Catullus Quintia ziet.
Carmen 86
| Regel | Latijnse tekst | Nederlandse vertaling |
|---|---|---|
| 1 | QVINTIA formosa est multis. mihi candida, longa, | QUINTIA wordt door velen mooi gevonden; ik vind haar knap, lang |
| 2 | recta est: haec ego sic singula confiteor. | en recht. Elk van deze punten geef ik toe, |
| 3 | totum illud formosa nego: nam nulla uenustas, | maar “mooi” betwist ik; want ze heeft geen gratie; |
| 4 | nulla in tam magno est corpore mica salis. | in haar hele lange gestalte zit geen greintje zout. |
| 5 | Lesbia formosa est, quae cum pulcerrima tota est, | Lesbia is mooi: want zij bezit alle schoonheden, |
| 6 | tum omnibus una omnis surripuit Veneres | en heeft alle gratiën van alle vrouwen voor zichzelf alleen gestolen. |
