De Ridder met het Zwaard
De Ridder met het Zwaard of Le Chevalier à l’Épée is een tamelijk korte Oud-Franse romance over Sir Gawain. Het werk werd vermoedelijk in het midden van de dertiende eeuw of later geschreven.
In dit verhaal won Gawain een vrouw, maar zij was een andere vrouw dan Vrouwe Ragnell. Gawain verliet haar vanwege haar verraad.
Het verhaal begon toen Gawain het kasteel van zijn oom in Cardueil verliet met slechts een zwaard, een lans en een schild, en door de bossen reisde op zoek naar avontuur.
Gawain raakte verdwaald in het woud omdat hij in gedachten verzonken was. Hij ontwaakte uit zijn gepeins toen hij merkte dat het licht begon te vervagen. Gawain zag een kampvuur branden in een open plek vlak bij de weg, en reed ernaartoe. Daar wisselde hij groeten uit met een andere ridder die hem de gastvrijheid van zijn kasteel aanbood voor de volgende dag. Gawain, die geen kwaad vermoedde van de ridder, nam het aanbod aan. Ze sliepen bij het vuur en ‘s ochtends vertrokken ze naar het kasteel van de onbekende.
Terwijl ze het kasteel naderden, reed de ridder vooruit om zijn kasteel voor te bereiden op zijn gast, terwijl Gawain in een rustiger tempo volgde. Voordat hij het kasteel bereikte, ontmoette hij een groep van vier herders op het pad naar het kasteel. Deze herders waarschuwden Gawain voor de verraderlijke ridder die hij volgde. Alle ridders die in dit kasteel hadden overnacht, hadden het vervloekte oord nooit meer kunnen verlaten. Hoogstwaarschijnlijk waren zij allen gedood, maar de herders wisten niet hoe.
Ondanks hun waarschuwingen besloot Gawain te gaan, omdat hij dacht dat de herders slechts een kinderverhaal vertelden om reizigers angst aan te jagen.
In het prachtige kasteel, passend voor een koning of prins, ontving de ridder die hij had ontmoet hem hartelijk. Samen met hem was de beeldschone dochter van de gastheer, door wie Gawain gecharmeerd was. De jonge vrouw bewonderde de knappe en hoffelijke gast van haar vader, maar zij vreesde dat Gawain het volgende slachtoffer zou worden van het plan van haar vader.
(Gawain onthulde zijn identiteit pas later in de romance. En gedurende dit gedicht kregen noch de jonge vrouw noch haar vader een naam.)
Vlak voor het diner ging de heer des huizes kort weg voor een boodschap, in de verwachting dat zijn dochter hun gast zou vermaken. De jonge vrouw met de heldere gelaatskleur waarschuwde Gawain haastig dat hij zijn gastheer niet moest tegenspreken, anders zou hij worden gedood, maar dat hij ook niet oneervol tegenover haar mocht handelen.
Na de maaltijd zei de verraderlijke heer met een glimlach dat hij (Gawain) en zijn dochter een perfect paar zouden vormen, want zijn gast was knap, goedgemanierd en van adellijke afkomst, en kon onmogelijk een betere geliefde vinden dan zijn dochter. De gastheer stond erop dat Gawain de beste kamer in zijn kasteel zou krijgen en dat zijn dochter een groot bed met hem zou delen. De gastheer stond er ook op dat de kaarsen in de kamer brandend moesten blijven, zodat zijn gast de schoonheid van zijn dochter kon aanschouwen.
De slaapkamer was ruim en prachtig ingericht, met name het weelderige bed. Aan een van de muren hing een mooi schede met een zwaard, waarvan het lemmet van het fijnste staal was gesmeed. Het gevest en de knop waren van goud gemaakt.
Gawain was zeer verheugd dat hij de nacht zou doorbrengen met de beeldschone dochter van zijn gastheer. Zij kwam naar bed en ging naast de held liggen, ontkleed. Ze lagen daar een paar uur in elkaars armen, kussend. Toen Gawain opgewonden raakte en de liefde met haar wilde bedrijven, waarschuwde zij hem dat hij niet meer mocht doen dan haar omhelzen en kussen, als hij de nacht wilde overleven. Ze vertelde hem dat het zwaard haar magische beschermer was en dat het wel twintig ridders in diezelfde kamer had gedood. Het zwaard zou iedereen doden die probeerde de liefde met haar te bedrijven. Maar de held luisterde niet en geloofde haar niet. Dit was precies de situatie waarin zijn gastheer zijn gast wilde brengen, zodat hij gedood zou worden. Haar vader hield ervan een val te zetten voor alle potentiële minnaars van zijn dochter.
Maar voordat Gawain meer kon doen dan de liefde met haar bedrijven, vloog het zwaard uit zijn schede alsof iemand het trok, en trof Gawains zij. Daarna vloog het zwaard terug in de schede. Gawain was verbijsterd door de aanval, maar de klap was scham. Het had wat huid weggehaald en hij bloedde enigszins, maar het was niet meer dan een flinke schram.
De jonge vrouw had nog nooit een ridder gewaarschuwd, maar zij was evenzeer verbaasd dat het zwaard Gawain bij de eerste klap niet had gedood. Gawain verloor plotseling zijn verlangen om de liefde met haar te bedrijven. Hij was teleurgesteld dat hij deze vrouw niet tot zijn geliefde kon maken. Terwijl hij daar lag, piekerend en starend naar de jonge vrouw in het kaarslicht, betoverde haar schoonheid hem opnieuw en wekte zijn verlangen.
Toen Gawain zich dichter naar de jonge vrouw bewoog, vloog het zwaard opnieuw uit de schede en trof hem voor de tweede keer. Ditmaal ontving hij een lichte wond aan zijn schouder, waarbij een paar centimeter huid werd weggesneden, voordat het terugkeerde in de schede.
Dit was zeer verontrustend voor Gawain. Hij maakte geen bewegingen meer naar de jonge vrouw. Noch de gast noch de gastvrouw kon slapen.
’s Ochtends werd het meisje’s vader vroeg wakker, verlangend het lichaam van zijn nieuwste slachtoffer te zien. Hij betrad de gastenkamer en was zeer verbaasd te zien dat zijn gast nog in leven was. Hoewel Gawain ongedeemd leek, kon de heer zien dat de lakens waren gescheurd en er bloedvlekken op het beddengoed zaten. Het magische zwaard had altijd elke man gedood die het bed van zijn dochter deelde, dus de heer was verrast voor het eerst te zien dat zijn gast had overleefd.
Toen de gastheer ontdekte dat zijn gast niemand minder was dan Gawain, de neef van Koning Arthur, wist hij dat het zwaard de beste ridder ter wereld niet zou doden: Gawain. De gastheer begreep dat de oude gewoonte was beëindigd en dat hij een waardige bruidegom voor zijn dochter had gevonden. Diezelfde dag liet de gastheer Gawain en zijn dochter in de echt verbinden. De vader zou zijn kasteel en rijkdom aan Gawain hebben gegeven, maar Gawain weigerde meer aan te nemen van zijn schoonvader.
Op hun huwelijksnacht kon Gawain de liefde bedrijven met zijn nieuwe bruid zonder angst te hebben voor een aanval door het zwaard. Gawain en zijn vrouw leefden drie jaar lang gelukkig in het kasteel, maar toen besloot Gawain dat het tijd was om terug te keren naar zijn land, en hij liet Arthur weten dat hij nog in leven was. Zijn schoonvader gaf hem toestemming om te vertrekken.
De volgende dag vertrok Gawain naar Cardueil met zijn vrouw op een rijpaard, terwijl hij zijn Gringalet bereed. Hij gordde zijn zwaard om en droeg zijn lans en schild. Hij droeg geen helm of harnas, aangezien hij deze niet bij zich had toen hij Cardueil verliet.
Vlak buiten de poort herinnerde zijn vrouw zich dat zij haar twee windhonden in het kasteel van haar vader had achtergelaten en vroeg zij Gawain ze te halen. Dus Gawain keerde terug met de windhonden en ze zetten hun reis voort.
Niet lang nadat ze het bos waren binnengereden, ontmoetten ze een volledig gepantserde ridder. Toen Gawain de ridder hartelijk begroette, greep deze schurk de teugels van het paard van zijn vrouw en reed er met Gawains vrouw vandoor. Gawain zette de achtervolging in, ondanks dat hij niet zo volledig uitgerust was als zijn rivaal.
Gawain daagde de andere ridder uit, maar vroeg hem te wachten tot hij een helm en harnas kon halen zodat ze konden strijden om Gawains vrouwe, maar de ridder weigerde. In plaats daarvan stelde deze ridder voor dat zij de jonge vrouw zouden laten kiezen met wie zij wilde meegaan.
Gawain was ervan overtuigd dat zijn vrouw voor hem zou kiezen, maar hij had geen rekening gehouden met haar trouweloosheid. Zij wilde Gawains moed en vaardigheid op de proef stellen, dus koos zij voor Gawains rivaal. Gawain was woedend om haar verraad en reed woedend weg met de windhonden achter zich aan, terwijl de ridder er met Gawains vrouw vandoor ging.
De jonge vrouw weigerde echter verder te rijden, omdat zij haar windhonden wilde. Zij wilde deze ridder niet als haar minnaar nemen, tenzij zij haar windhonden had. Dus de ridder ging achter Gawain aan.
Gawain weigerde de honden over te dragen, maar stemde erin toe de honden te laten beslissen wie zij wilden volgen. De andere ridder stemde toe. Beide ridders riepen de honden naar zich toe, en de honden gingen trouw naar Gawain, omdat zij hem als hun meester herkenden na drie jaar in het kasteel te hebben geleefd.
De vrouwe weigerde nu de ridder te volgen, tenzij zij haar windhonden kreeg, dus besloot de ridder Gawain aan te vallen. De verraderlijke ridder was ervan overtuigd de honden te winnen, aangezien hij volledig gepantserd was. Gawain had geen harnas en geen helm, en had slechts een schild als bescherming. Gawain was kwaad genoeg om wraak te nemen op deze ridder, die zijn vrouw had afgenomen, en wilde niets liever dan dit ongelijke gevecht aan te gaan.
Ze stormden op elkaar af. Hoewel het doel van de verraderlijke ridder zuiver was en zijn lans Gawains schild als eerste raakte, versplinterde de lans. Gawains lans brak niet; het raakte de volle lengte van het schild van de ander. Zowel de ridder als zijn paard werden van de weg geslagen en belandden in een modderpoel. Gawain steeg af van Gringalet en trok zijn zwaard. Voordat de ridder overeind kon komen, verdoofde Gawain hem met slagen op zijn hoofd. Daarna verminkte hij hem door zijn zwaard diep in de zijde van zijn vijand te drijven.
Gawain nam niet de moeite de overgave van de ridder te aanvaarden en hem gevangen te nemen. De held wilde slechts wraak. Gawain besteeg vervolgens Gringalet, klaar om met de windhonden weg te rijden.
De vrouwe, die besefte dat Gawain haar achterliet, smeekte hem haar niet in de steek te laten. Zij verklaarde dat zij slechts met de andere ridder was meegegaan omdat Gawain niet volledig uitgerust was zoals de andere ridder, en daarom had zij gevreesd voor zijn leven.
Gawain geloofde geen woord van wat zij zei en wist dat het niet was om zijn eer en leven te redden. Hij kon haar niet vergeven voor haar verraad en het kiezen van een volkomen onbekende boven hem, en dus verliet hij haar in het woud. Gawain heeft haar nooit meer teruggezien.