Mede der Dichtkunst
Kvasir
Kort na de oorlog tussen Asen en Wanen vond er een gijzelaarsuitwisseling plaats tussen de twee strijdende stammen. Kvasir, de wijste onder de Wanen, voegde zich bij Njord en diens zoon Freyr als gijzelaars voor de Asen. Door deze drie goden te ontvangen verwierven de Asen een hogere status. Odin en de Asen gaven deze drie goden een vooraanstaande plaats onder hen.
Kvasir was zo wijs dat hij alles leek te weten. Kvasir reisde door de hele wereld en deelde zijn kennis met de mensen. Twee dwergen genaamd Fjalar en Galar, die genoeg hadden van zijn voortdurende lessen, doodden echter de Wane.
De twee dwergen goten Kvasirs bloed in Odrerir, wat bestond uit twee vaten en een pot. De vaten werden ook Bodn en Son genoemd. Door het bloed met honing te mengen, brouwden de dwergen de mede met bijzondere krachten. De mede stelde iedereen die ervan dronk in staat kennis en magische vaardigheden in de dichtkunst te verwerven, afkomstig uit Kvasirs herinneringen. De mede werd een onschatbare bron van goddelijke wijsheid en werd de Mede der Dichtkunst genoemd.
Op een dag kregen de dwergen het gezelschap van een reus genaamd Gilling, toen zij langs de kust voeren. Toen de boot omsloeg, viel Gilling in zee en verdronk. Gillings naamloze vrouw treurde om de dood van haar echtgenoot. De dwergen, die genoeg hadden van het voortdurende en luide geweeklaag van Gillings vrouw, lokten de weduwe mee in een boot. Vervolgens doodde Galar de weduwe met een molensteen.
De reus Suttung, die hoorde van de moord op zijn moeder, nam de twee dwergen gevangen. Suttung spaarde en liet de dwergen pas vrij toen zij de reus hun kostbare mede aanboden.
Dorst naar Dichtkunst
Suttung kende de magische eigenschappen van de Mede der Dichtkunst en nam de Odrerir mee naar huis in Hnitbiorg. De mede werd bewaard in een grot in de berg. Suttung wilde de mede helemaal voor zichzelf houden en plaatste zijn dochter Gunnlod daar om de mede te bewaken.
Odin hoorde van de mede en vertrok vermomd als boerenknecht, zichzelf Bolverk noemend, om de mede te bemachtigen. Odin werkte voor Baugi, de broer van Suttung, in ruil voor een slok van de mede.
Odin werkte een winter en een zomer op het land en voltooide het werk van negen mannen. Baugi, die ook een slok van de mede wilde, stemde ermee in dat Bolverk (Odin) betaald zou worden, maar Suttung weigerde.
Odin verleidde Baugi ertoe een gat door de berg te boren met Odins boor, genaamd rati, in de hoop bij de mede te komen. Zodra het gat was gemaakt, veranderde Odin zichzelf in een slang en kroop door het gat. Baugi besefte dat hij was bedrogen en probeerde de slang (Odin) te doden, maar faalde.
In de grot vond Odin de reuzin die de mede bewaakte. Drie nachten lang sliep Odin met Gunnlod. Elke nacht stond Gunnlod Odin toe een slok van de mede te nemen. Odin nam slechts een teug, maar hij leegde de Odrerir volledig in de eerste nacht, daarna het vat Bodn in de tweede nacht. In de derde nacht leegde Odin het tweede vat Son in een enkele teug.
Vervolgens vloog Odin de grot uit in de gedaante van een adelaar. Suttung, die de adelaar zag, veranderde zichzelf eveneens in een adelaar en zette de achtervolging in. De Asen hadden vaten klaarstaan in Asgard. Toen Odin over de vaten vloog, spuwde hij de mede in de vaten.
Om aan Suttung te ontsnappen, spuwde Odin de rest van de mede achter zich uit. Iedereen onder de twee vogels zou zijn deel van de mede ontvangen, of het nu Asen of stervelingen waren, en zou bedreven worden in de dichtkunst.
Volgens Snorri Sturlusons Proza-Edda bood de dwerg Dvalin een dronk van de Mede der Dichtkunst aan de mensen aan.
Gerelateerde Informatie
Naam
Odrerir – "Mede der Dichtkunst".
Bronnen
Havamal ("Uitspraken van de Hoge") uit de Poetische Edda.
Skaldskaparmal, uit de Proza-Edda, geschreven door Snorri Sturluson.
Ynglinga Saga geschreven door Snorri Sturluson.