Gawain, neef van koning Arthur
Door Caleb Howells
In de Arthuriaanse legenden is Gawain de jonge neef van koning Arthur die als een van diens ridders dient. Hoewel hij in een van de vroegste Arthuriaanse verslagen kort na het bereiken van de volwassenheid sterft, komt hij in veel van de legenden prominente voor. Hij komt ook uitgebreid voor in de Welshe traditie, wat ons veel informatie verschaft over hem en over de historische context waarin hij leefde. Wie was hij? Waar kwam zijn familie vandaan? Waar bevindt zich Gawains laatste rustplaats? Dit artikel onderzoekt de antwoorden op die en andere vragen.

Wie was Gawain?
Gawain was de neef van koning Arthur en een van diens ridders. Hij was volledig loyaal aan Arthur en vocht letterlijk voor hem tot de dood. Sterker nog, hij was misschien wel Arthurs meest loyale ridder. Als neef van de koning wordt hij in de Arthuriaanse legenden vaak afgebeeld als een jonge man.
Deels door zijn jeugd wordt hij voorgesteld als onschuldig en zelfs heilig. Bovendien zou hij zijn opgeleid door de paus. Daarom werd hij gezien als moreel en religieus rechtschapen, en tevens als een uitstekende en loyale krijger.
Gawain zou zijn oom op vele avonturen hebben vergezeld. In het vroegste verslag over zijn leven blijkt dat hij stierf tijdens Arthurs burgeroorlog tegen Mordred, een van Arthurs andere neven. Hij stierf niet in de Slag bij Camlann, maar in de eerste botsing tussen de troepen van Arthur en Mordred, toen eerstgenoemde probeerde terug te keren naar Brittannië.
In sommige latere versies van de Arthuriaanse legenden wordt Gawain niet meer zo jong afgebeeld in vergelijking met Arthur. Hij wordt er juist voorgesteld als iemand die vóór zijn dood volwassen kinderen had.
Zonder twijfel is het beroemdste verhaal waarin Gawain voorkomt het verhaal van Gawain en de Groene Ridder. Het vertelt van Gawains conflict met de magische Groene Ridder, wiens hoofd hij aan Arthurs hof afsloeg, maar die Gawain uitdaagde om een jaar en een dag later dezelfde klap in de nek te ontvangen.
Naam
Gawains naam komt in heel veel verschillende vormen voor in de diverse middeleeuwse bronnen. Dat geldt zelfs nog zonder de Welshe bronnen in beschouwing te nemen. In die teksten verschijnt zijn naam doorgaans als:
Gwalchmai
Gwalchmei
Gualchmei
Gwall
In de niet-Welshe bronnen zijn er nog veel meer variaties, waarvan de meeste nogal ver afstaan van de oorspronkelijke Welshe spelling. De dichtstbijzijnde lijkt de overgeleverde Bretonse spelling ‘Walcmoei’ te zijn. Er is gesuggereerd dat dit de oorsprong was van de spelling die door continentale bronnen werd gebruikt. Deze bronnen, en de Latijnse teksten van de Britse eilanden, gebruiken de volgende spellingen:
Galvaginus
Gualguanus
Gualgwinus
Walwanus
Walwen
Gauvains
Gawain
Gavan
Galvano
Dit zijn slechts enkele van de heel veel variaties van deze naam die in de bronnen voorkomen.
Familie
Wat weten we over de familie van Gawain? Dit is eigenlijk een van de best gedocumenteerde families in de Arthuriaanse legenden, zowel vanuit het perspectief van de Welshe bronnen als van de niet-Welshe bronnen. We weten wie zijn vader, moeder en broers waren, en velen van hen komen voor in niet-Arthuriaanse bronnen en waren vermoedelijk historisch.
Vader
Gawains vader was Lot van Lothian. Dit wordt duidelijk vermeld in de Historia Regum Britanniae van Geoffrey van Monmouth, geschreven rond 1137. In Welshe bronnen staat Lot bekend als Llew ap Cynfarch. Hij was de broer van Arawn en Urien, die daarmee de ooms van Gawain waren.
Op basis van deze informatie is het duidelijk dat Lot geïdentificeerd kan worden met een figuur die in niet-Arthuriaanse teksten voorkomt als Lleuddun, of Leudonus, koning van Leudonia. Aangezien Leudonia Lothian is, is het evident dat diens koning, Leudonus, geïdentificeerd moet worden als Lot of Llew, de koning van Lothian in de Arthuriaanse bronnen.
Blijkbaar is ‘Lot’ dus Geoffreys verkorting en vereenvoudiging van ‘Leudonus’, terwijl ‘Llew’ een andere verkorting van diezelfde naam is.
Moeder
Bij Gawains moeder wordt het ingewikkelder. Volgens Geoffrey van Monmouth was zij Arthurs zuster Anna. In latere bronnen krijgt zij verschillende namen, waarvan ‘Morgause’ de beroemdste is.
De Welshe bronnen geven haar echter een volledig andere naam. De naam die zij haar geven is ‘Gwyar’. Deze komt in Welshe teksten vaak voor als het matroniem van Gwalchmai (dat wil zeggen Gawain). Daarom heeft deze versie verreweg de beste ondersteuning.
Een andere Welshe tekst maakt Gwyar ferch Amlawdd Wledig tot de echtgenote van Geraint van Dumnonia en de moeder van Cador. Er is reden om aan te nemen dat dit dezelfde Gwyar is. Om te beginnen is het geen veelvoorkomende naam. Bovendien stelt de Welshe traditie dat Cador een neef van Arthur was via de moeder van Cador. Cadors moeder was dus blijkbaar een zuster van Arthur.
Als we deze twee elementen uit de Welshe traditie samenvoegen, is het duidelijk dat Gwyar ferch Amlawdd Wledig identiek is aan Gwyar, de zuster van Arthur en moeder van Gawain. Het gebruik van Amlawdd Wledig in haar patroniem is dan blijkbaar in werkelijkheid een verwijzing naar hem als een vroegere voorouder, aangezien Arthur volgens de overlevering inderdaad van Amlawdd afstamde.
Wat we uit deze informatie over Gwyar kunnen opmaken, is dat zij blijkbaar eerst getrouwd was met Geraint. Nadat zij Cador en enkele andere kinderen had gekregen, lijkt Geraint van haar te zijn gescheiden. Later trouwde zij met Lot.
Broers
Wat weten we over de broers van Gawain? Zijn beroemdste broer was ongetwijfeld Mordred. Zijn naam komt ook voor als Modred, Medrawd en Medraut. Aanvankelijk was Mordred loyaal aan Arthur. Maar vervolgens greep hij de kans om de troon voor zichzelf te bemachtigen terwijl Arthur afwezig was.
Dit leidde tot een burgeroorlog die uiteindelijk uitmondde in de beruchte Slag bij Camlann. Bij deze slag stierf Mordred. Arthur raakte gewond, maar er is goede reden om aan te nemen dat hij de slag overleefde.
Een andere broer van Gawain in de Welshe traditie was Gwalhafed. Over hem is zeer weinig bekend. Hij lijkt de oorsprong te zijn geweest van Gaheris en Gareth, twee broers van Gawain in de niet-Welshe ridderverhalen die oorspronkelijk vermoedelijk dezelfde figuur waren.
Naast Gaheris en Gareth geven de Arthuriaanse romances Gawain ook een broer genaamd Agravain. Deze laatste figuur is opvallend vanwege zijn conflicten met andere ridders in Arthurs dienst en zijn rol bij het aan het licht brengen van de affaire tussen Lancelot en Guinevere.
Kinderen
Zoals eerder vermeld, stellen de Arthuriaanse legenden Gawain over het algemeen voor als een jonge ridder in Arthurs dienst. Er zijn echter enkele teksten die hem kinderen geven.
Henec de Behendige

De vroegste tekst die dit lijkt te doen, is Erec van Hartmann von Aue, geschreven rond 1185. Deze geeft Gawain een zoon genaamd Henec de Behendige.
Het is verleidelijk om deze zoon te identificeren met een historische figuur uit de zesde eeuw genaamd Henoc. Hij komt voor in het Leven van Sint-Samson als de neef van de titelgevende religieuze figuur. Aangezien Samson de zoon was van een zekere aanzienlijke Anna van Gwent, is er goede reden om hem als een neef van koning Arthur te beschouwen, zijn moeder zijnde Arthurs zuster met die naam.
Elke zoon van Gawain zou daarmee een kozijn in de tweede graad van Samson zijn geweest. We weten dat middeleeuwse Latijnse teksten dit soort verwantschap eenvoudigweg als ‘cousin’ konden aanduiden. Gawains zoon Henec zou dus Samsons ‘cousin’ Henoc geweest kunnen zijn.
Helaas maken chronologische overwegingen deze identificatie onmogelijk. Niettemin was ‘Henoc’ blijkbaar een naam die in deze familie werd gebruikt, als we Samsons moeder Anna aanvaarden als dezelfde persoon als Arthurs zuster met die naam.
Aannemelijk is dat Gawains zoon Henec (althans zoals Hartmann hem spelt) genoemd was naar Samsons neef Henoc, die ook een kozijn van Gawain zou zijn geweest. Het feit dat deze zeldzame naam door Hartmann werd gebruikt in een context die, gezien de beschikbare historische feiten, logisch is, ondersteunt het idee dat Gawain werkelijk een zoon had die Henec, of Henoc, heette, ook zonder directe bevestiging van zijn bestaan.
Andere zonen
Andere bronnen geven Gawain enkele andere zonen die niet bijzonder historisch plausibel lijken. In Thomas Malory’s Le Morte d’Arthur, geschreven in de vijftiende eeuw, krijgt Gawain drie zonen. Hun namen zijn Sir Florence, Sir Lovell en Sir Gingalain.
De laatste twee kwamen ook voor in eerdere bronnen, zoals de Livre d’Artus. Alleen Gingalain verwierf echter enige bekendheid in de verhalen. Hij is de protagonist van een Frans verhaal getiteld Le Bel Inconnu, geschreven rond 1200.
In dit verhaal kent Gingalain zijn afkomst niet, en zelfs zijn eigen naam niet. Hij bezoekt Arthurs hof in de hoop ridder te worden. Hij wordt op een queeste gestuurd om de koningin van Wales te redden, waarbij hij vele avonturen beleeft.
Een andere zoon, die door Malory niet wordt genoemd, is Beaudous. Hij wordt genoemd door Robert de Blois in de dertiende eeuw.
Gawain in de Arthuriaanse legenden
Gawain komt voor in ontelbare Arthuriaanse verhalen; het is onmogelijk ze allemaal te behandelen. In deze sectie bekijken we echter enkele van de belangrijkste en opvallendste verschijningen van Gawain in de Arthuriaanse legenden.
Culhwch and Olwen
Gawains eerste verschijning in de Arthuriaanse legenden is te zien in het Welshe prozaverhaal Culhwch and Olwen. Dit dateert vermoedelijk van rond 1100. Dit verhaal vertelt hoe Arthur Culhwch helpt de hand van Olwen te winnen door talloze ogenschijnlijk onmogelijke taken te volbrengen.
Op een gegeven moment, na een lijst van Arthurs talrijke bondgenoten, wordt Gwalchmai als volgt vermeld:
“Hij riep Gwalchmai, de zoon van Gwyar, op, omdat deze nooit huiswaarts keerde zonder het avontuur te hebben volbracht waarnaar hij op zoek was gegaan. Hij was de beste onder de voetsoldaten en de beste onder de ridders. Hij was een neef van Arthur, de zoon van zijn zuster, en zijn kozijn.”
Volgens deze passage was Gawain beroemd omdat hij altijd wist te volbrengen wat hij zich had voorgenomen. Hij was bovendien een zeer bekwaam krijger. Verder verschaft dit ons het interessante detail dat hij niet alleen de zoon van Arthurs zuster was, maar ook ‘zijn kozijn’.
Dit kan geïnterpreteerd worden als dat Gawain Arthurs kozijn was, of het kan betekenen dat hij de zoon was van ‘Arthurs zuster en diens kozijn’, waarbij Gawains vader Arthurs kozijn zou zijn.
Was Gawain de zoon van Arthurs kozijn?
De geleerde Peter Bartrum interpreteerde deze regel in laatstgenoemde betekenis – dat wil zeggen dat Gawain de zoon was van Arthurs zuster én van Arthurs kozijn. Dit zou betekenen dat Lot, of Llew ap Cynfarch, blijkbaar Arthurs kozijn was.
Om volle kozijnen te kunnen zijn, zou Arthurs moeder of vader een broer of zus van Lots moeder of vader moeten zijn. Is dat plausibel?
Lots vader was Cynfarch ap Meirchion en zijn moeder was Nyfain ferch Brychan. Geen van beiden was een broer of zus van Arthurs moeder of vader. Er zijn echter twee mogelijkheden.
Ten eerste moet worden opgemerkt dat veel van de ‘kinderen’ van Amlawdd Wledig in werkelijkheid latere afstammelingen van hem waren, zoals we eerder zagen in het geval van Gwyar. Het lijkt erop dat dit ook geldt voor Eigr, de moeder van Arthur. Verschillende dochters van Amlawdd kunnen in werkelijkheid geïdentificeerd worden als dochters van Brychan, aangezien hij een afstammeling van Amlawdd was.
Als dat het geval is, zou Nyfain ferch Brychan in sommige tradities mogelijk bekend hebben gestaan als ‘ferch Amlawdd’. Aangezien dit ook het patroniem van Eigr was, kunnen zij soms voor zusters te boek hebben gestaan. Dit zou betekenen dat Nyfains zoon, Lot, ten onrechte als een kozijn van Arthur omschreven kan zijn.
Alternatief zou de verklaring kunnen liggen in de identificatie van koning Arthur met de historische Athrwys ap Meurig. Hij was een kozijn van Brychan. Dit zou Lot tot zijn kozijn in de derde graad maken. Het Leven van Sint-Samson bewijst dat de zoon van een kozijn nog steeds eenvoudigweg als ‘cousin’ aangeduid kon worden. Of een extra generatie dat woord te ver zou rekken, is echter niet bekend.
Het archivolt van Modena
Een bijzonder vroege en raadselachtige bron voor Gawain is het archivolt van Modena. Dit maakt deel uit van de kathedraal van Modena in Modena, Italië. Het archivolt bevat een fascinerende Arthuriaanse scène, waarbij de afgebeelde personages duidelijk van naamlabels zijn voorzien. Zo is er ‘Artus de Bretania’, onmiskenbaar koning Arthur.
Een ridder die als Carrado is gelabeld, wordt afgebeeld in een steekspel met een ridder genaamd Galvagin, of Galvaginus. Deze laatste figuur wordt algemeen beschouwd als Gawain.

De reden dat deze Arthuriaanse bron zo interessant is, is dat zij ouder is dan Geoffrey van Monmouth. Uit het bewijsmateriaal blijkt dat het archivolt van Modena tegen 1126 voltooid was, een volledig decennium voordat Geoffrey de Historia Regum Britanniae schreef.
Het lijkt opmerkelijk dat legenden over koning Arthur en Gawain al op zo’n vroeg tijdstip tot in Italië waren doorgedrongen.
De beste verklaring voor de afgebeelde scène op het archivolt van Modena lijkt te zijn dat het een versie betreft van het verhaal van Gawains conflict met de reusachtige ridder Carado van de Dolorous Tower, dat voorkomt in de Vulgaat-Lancelot.
Geoffrey van Monmouth
Een van de nuttigste bronnen voor Gawain is de twaalfde-eeuwse Historia Regum Britanniae van Geoffrey van Monmouth. Hoewel Geoffrey het verhaal van zijn leven niet uitvoerig uiteenzet, verschaft hij ons wel enkele belangrijke details.
De eerste vermelding van Gawain (door Geoffrey Gualguanus genoemd, hoewel dit in moderne vertalingen soms als ‘Walgan’ verschijnt) vindt plaats in Boek 9. Daar wordt hij samen met zijn broer Mordred als zonen van Lot vermeld.
Later, nadat hij Arthur heeft voorgesteld als twaalf jaar lang in vrede over zijn koninkrijk heersend, stelt Geoffrey het volgende:
“Walgan, de zoon van Lot, was toen een jeugdige van twaalf jaar oud, en werd door zijn oom aanbevolen voor de dienst van paus Supplicius, van wie hij de wapens ontving.”
De periode van twaalf jaar vrede begint in Geoffreys verslag slechts een of twee jaar na de Slag bij Badon. Dit betekent dat Gawain, volgens Geoffrey van Monmouth, kort na de Slag bij Badon werd geboren.
In de dienst van paus Supplicius
Wie was de ‘paus Supplicius’ naar wie de jonge Gawain volgens de Historia Regum Britanniae werd gestuurd? Er is gesuggereerd dat dit de historische paus Simplicius was. Zijn ambtsperiode als paus lag echter in de vijfde eeuw, lang voordat Gawain leefde.
Als we bedenken dat Gawain de neef was van Urien Rheged, een koning die beroemd is uit het midden en de tweede helft van de zesde eeuw, is het duidelijk dat Gawain zelf ongeveer midden in de zesde eeuw geboren moet zijn.
Dit strookt met de datering van de Slag bij Badon zoals de vroegst beschikbare aanwijzingen die aangeven, namelijk rond 549. Zie het artikel Wanneer leefde koning Arthur werkelijk? Dit zou erop wijzen dat de bisschop van Rome naar wie Gawain werd gestuurd paus Pelagius I was, wiens ambtstermijn als paus van 556 tot 561 duurde.
De naam ‘Supplicius’ die Geoffrey van Monmouth gebruikte, is vermoedelijk ontstaan uit een verbastering van ‘Escob Pelagius’. De naam ‘Pelagius’ kan door de veelvoorkomende fouten en spellingsvariaties die in middeleeuwse manuscripten voorkomen, gemakkelijk verbasterd zijn tot ‘Plicius’. Het voorvoegsel, ‘Sup’, kan verklaard worden als een verbastering van ‘Escob’, het Welshe woord voor ‘bisschop’.
Deelname aan Arthurs oorlog tegen Rome
Vervolgens verschijnt Gawain als een sleuteldeelnemer in koning Arthurs oorlog tegen de Romeinen. Zijn eerste vermelding valt tijdens Arthurs veldtocht naar Gallië om Rome zelf aan te vallen. Halverwege de veldtocht komen Walgan en enkele anderen uit Arthurs leger in conflict met de Romeinen onder leiding van een zekere Caius Quintilianus.
In blinde woede hakte Walgan het hoofd van deze Romeinse aanvoerder af, waarna een veldslag tussen de Britten en de Romeinen ontstond.
Daarna verschijnt Walgan, oftewel Gawain, vervolgens als medeaanvoerder van een van de hoofdafdelingen van Arthurs leger. Hij wordt bijgestaan door Hoel van Bretagne. Terloops zij opgemerkt dat Hoel eveneens een van Arthurs neven was, wat hem een volle kozijn van Gawain maakte.
Tijdens de gevechten laat Geoffrey Gawain samen met Hoel de Britten van Bretagne aanvoeren in de strijd tegen de Romeinen. Op een gegeven moment drong Gawain door tot Lucius Tiberius zelf, de aanvoerder van het Romeinse leger. De twee mannen vochten verbeten, totdat de Romeinen erin slaagden Lucius te hulp te komen en hem de overhand tegen Gawain te bezorgen.
Dood tijdens Mordreds opstand
Gawain wordt pas weer genoemd in het verslag van Mordreds opstand. Het nieuws van deze opstand was wat Arthur ertoe bracht zijn poging om Rome te bereiken op te geven en zich snel naar Brittannië te begeven. Toen hij probeerde te landen bij Rutupi (Richborough), werd hij hevig bestreden door Mordreds troepen.
In deze veldslag kwamen veel van Arthurs bondgenoten om het leven. Geoffrey schrijft:
“Want diezelfde dag vielen Augusel, koning van Albanië, en Walgan, de neef van de koning, met ontelbaar vele anderen.”
Volgens dit verslag was Walgan – dat wil zeggen Gawain – een van de voornaamste van Arthurs bondgenoten die omkwamen bij deze eerste botsing tussen de troepen van Arthur en de troepen van Mordred.
Latere ridderromans
Gawain bleek een uiterst populair personage. Hij is zonder meer een van de meest genoemde figuren in de Arthuriaanse ridderromans die in Engeland en op het continent werden geschreven.
Zeker, Geoffrey gaf al een hint van Gawains deugden door hem als moedig voor te stellen. Het was echter in werkelijkheid Wace, in zijn Roman de Brut uit 1155, die Gawain afbeeldde als buitengewoon hoffelijk. Hij kwam in wezen te gelden als de maatstaf voor wat een ridderlijke ridder behoorde te zijn.
Zo sterk was dit het geval dat sommige verhalen Gawain moreel lieten overtreffen door anderen, louter als middel om de deugd van hen die hem overtroffen te tonen. Een Arthuriaans geleerde beschreef hem als de toetssteen ‘tegen wie de dapperheid van de heldenridder wordt afgemeten’.
Het grote respect dat aan het personage Gawain werd betoond, blijkt uit het feit dat een Duitse roman, Diu Crône, geschreven in de dertiende eeuw, Gawain tot de held maakt die de Heilige Graal met succes vindt. Dit was doorgaans voorbehouden aan de heiligste van alle ridders.
De Ortu Waluuanii Nepotis Arturi
Een bijzonder opvallend ridderverhaal over Gawain is De Ortu Waluuanii Nepotis Arturi, wat vertaald kan worden als De opkomst van Gawain, neef van Arthur. Het is vaak simpelweg bekend als De Ortu Waluuanii. Het dateert uit het einde van de twaalfde of het begin van de dertiende eeuw en is geschreven in het Latijn.
Dit verhaal is specifiek gewijd aan Gawains jeugd, geïnspireerd door Geoffrey van Monmouths verwijzing naar Gawains tijd in dienst van de paus.

De Ortu Waluuanii presenteert ditzelfde basisbeeld van zijn opvoeding, al is een cruciaal verschil dat het verduidelijkt dat Gawain pas later in zijn leven werkelijk op de hoogte was van zijn afkomst en zijn verwantschap tot koning Arthur. Het laat Gawain bovendien dienst doen bij de Romeinse keizer in het oosten, waar hij Jeruzalem verdedigt. Dit deel van het verhaal was blijkbaar geïnspireerd door de contemporaine kruistochten.
Daarna reist Gawain naar Brittannië en strijdt hij tegen Arthur en Sir Kay. Nadat hij dit heeft gedaan, beloont Arthur hem door zijn ware identiteit te onthullen: dat hij de neef van de koning is.
De Vulgaatcyclus
Gawains portrettering in de Vulgaatcyclus, daterend van ca. 1215-1235, wijkt op sommige punten af van vele andere versies. Zijn karakterisering is veel minder beheerst en hoffelijk. Hij wordt afgeschilderd als trots en veel minder met religieuze zaken bekommerd.
Bijzonder opvallend is Gawains rol in het verhaal van de oorlog tussen Arthur en Lancelot. Gawain is zelfs grotendeels verantwoordelijk voor deze oorlog, die de Ridders van de Ronde Tafel uiteindelijk volledig doet uiteenvallen en de ondergang van Camelot teweegbrengt.
Aanvankelijk zijn Gawains handelingen gunstig voor het behoud van Camelot, omdat hij probeert te voorkomen dat zijn broers Mordred en Agravain de affaire tussen Lancelot en Guinevere, Arthurs koningin, aan het licht brengen. Maar ondanks zijn beste pogingen komt de affaire toch uit.
Wanneer Guinevere ter dood gebracht zou worden, arriveren Lancelot en zijn mannen om haar te redden, maar daarbij komen enkele van Gawains broers om het leven. Dit leidt ertoe dat Gawain Lancelot gaat haten. Op zijn beurt dwingt Gawain Arthur om oorlog tegen Lancelot te voeren en hem tot in Frankrijk te achtervolgen. Dit geeft Mordred de perfecte gelegenheid om de troon van Brittannië voor zichzelf te nemen, wat uiteindelijk leidt tot de tragische Slag bij Camlann.
Net zoals Geoffrey van Monmouth Gawain kort vóór de Slag bij Camlann laat sterven, laat de Vulgaatcyclus Gawain op ongeveer hetzelfde moment sterven in de strijd tegen Lancelot.
Gawain en de Groene Ridder
Het verreweg beroemdste verhaal over Gawain is het verhaal dat bekendstaat als Gawain en de Groene Ridder. Dit is bewaard gebleven in slechts twee middeleeuwse manuscripten. De primaire bron is het Pearl-manuscript, daterend uit het einde van de veertiende of het begin van de vijftiende eeuw. Een vereenvoudigde en lichtelijk gewijzigde versie, die minder bekend is, bevindt zich echter in het Percy Folio-manuscript.
De uitdaging van de Groene Ridder
Het verhaal begint aan Arthurs hof in Camelot tijdens een kerstfeest. Terwijl de ridders geschenken uitwisselen, betreedt de Groene Ridder het hof. Hij is van top tot teen groen, zelfs zijn huid, en ook zijn paard is groen. Hij draagt geen wapenrusting en zijn enige wapen is een bijl.
De Groene Ridder biedt de ridders een uitdaging aan. Hij zal een van hen toestaan zijn bijl te nemen en daarmee op zijn nek te slaan om hem te onthoofden. Daarna moeten zij zich echter na een jaar en een dag aan dezelfde klap onderwerpen.
Gawain is de enige ridder die dapper genoeg is om de uitdaging aan te gaan. Hij hakt het hoofd van de Groene Ridder af. In plaats van dood neer te vallen, raapt de Groene Ridder echter zijn eigen hoofd op en draagt het mee wanneer hij Arthurs hof verlaat, maar niet alvorens Gawain eraan te herinneren dat hij over een jaar en een dag zijn eigen nek moet aanbieden. Hij moet hem ontmoeten in de Groene Kapel.
De afspraak tussen Gawain en heer Bertilak
Naarmate het tijdstip nadert, verzamelt Gawain de moed om zijn woord na te komen. Hij reist in de richting van de Groene Kapel en arriveert enkele dagen vóór zijn afspraak met de Groene Ridder bij een nabijgelegen kasteel. Het kasteel is het tehuis van een heer en een dame.
De naamloze heer, die later heer Bertilak blijkt te zijn, biedt Gawain een overeenkomst aan. Hij zal Gawain geven wat hij overdag op de jacht buitmaakt, en in ruil daarvoor zal Gawain aan Bertilak geven wat hij heeft ontvangen terwijl Bertilak op jacht was.
Gedurende de daaropvolgende dagen probeert Bertilaks vrouw Gawain te verleiden. Hoewel Gawain haar avances grotendeels afwijst, aanvaardt hij wel een kus. Elke dag geeft Gawain deze kussen aan Bertilak in ruil voor wat die heeft gejaagd, zonder te onthullen waar ze vandaan kwamen.
Op de laatste dag geeft Bertilaks vrouw Gawain ook een magische groene sjerp die hem tegen lichamelijk letsel zal beschermen. Gawain accepteert de sjerp en geeft hem niet door aan Bertilak, zonder er zelfs maar melding van te maken. Hij doet dit uit angst voor wat hem zal overkomen wanneer hij de Groene Ridder ontmoet.
Het einde van de uitdaging van de Groene Ridder
Eindelijk, een jaar en een dag nadat de Groene Ridder Arthurs hof was binnengekomen, gaat Gawain naar de Groene Kapel en ontmoet hij de Groene Ridder opnieuw. Deze wacht daar op hem, zwaaiend met zijn bijl.
Gawain biedt zijn nek aan aan de Groene Ridder, die een schijnuithaal naar hem doet. Dit doet Gawain terugdeinzen, waarvoor de Groene Ridder hem kleinerend toespreekt. Opnieuw volgt een schijnaanval, hoewel Gawain ditmaal niet terugdeinst. Hij eist dat de Groene Ridder ophoudt met het veinzen van de slagen en hem voor echt treft.
Hierop slaat de Groene Ridder Gawain daadwerkelijk met de bijl op de nek. Door de magische groene sjerp die hij draagt, komt hij er echter in wezen ongedeerd van af. Hij houdt er slechts een piepkleine snee aan over, waarvan wordt onthuld dat die aan zijn oneerlijkheid te wijten is.
Nu de uitdaging voorbij is, onthult de Groene Ridder dat hij heer Bertilak van het kasteel is, door magie veranderd in zijn reusachtige, groene gedaante. Hij onthult dat het hele gebeuren in scène was gezet door Morgan le Fay, Arthurs kwade halfzuster, om Guinevere dood te laten schrikken.
Hoewel Gawain berouw heeft van zijn oneerlijkheid, verzekert Bertilak hem dat hij de deugdzaamste van alle ridders in het land is.

Gawains dood en begrafenis
Een van de meest fascinerende aspecten van Gawain is het verhaal van zijn dood. Zoals we hebben gezien, presenteert Geoffrey hem als stervend in het eerste conflict tussen Arthur en Mordred, vóór de Slag bij Camlann. De Vulgaatcyclus presenteert hem als stervend in de strijd tegen Lancelot in hetzelfde algemene deel van Arthurs regeerperiode, zij het iets eerder dan Geoffreys plaatsing.
Aangezien Geoffreys verslag uiteraard verreweg de oudste van de twee tradities is, heeft het veel meer gezag. Bovendien plaatsen verschillende latere romances zijn dood eveneens in de context van Mordreds opstand.
Gawains graf in Dyfed
Nu dit het geval is, laten we bekijken wat Willem van Malmesbury over Gawain schreef in de Gesta Regum Anglorum, geschreven rond 1125. Hij verwees naar een neef van koning Arthur die eveneens in diens dienst streed en Walwen heette. Dit is duidelijk Gawain, Geoffreys Gualguanus. Willem schreef:
“In die tijd werd in de provincie van Wales, genaamd Ros, het graf van Walwen gevonden, die de niet onwaardige neef van Arthur bij diens zuster was… [Het graf] werd in de tijd van koning Willem aan de zeekust gevonden, veertien voet lang; en sommigen zeggen dat hij hier door zijn vijanden gewond raakte en bij een scheepsramp werd achtergelaten, maar volgens anderen werd hij gedood door zijn medeburgers bij een openbaar banket.”
Het wordt algemeen aanvaard dat de provincie Ros die Willem van Malmesbury hier noemt de regio Rhos in Dyfed is, in Zuidoost-Wales, en niet het Rhos in Noord-Wales.
Ondersteunend bewijs voor de traditie dat Gawain in dit gebied begraven werd, komt van het feit dat in dit gebied een parochie ligt die in het Welsh Castell Gwalchmai heet en in het Engels Walwyn’s Castle wordt genoemd. De exacte locatie van Gawains graf is helaas onbekend.
De Strofen van de Graven
Gawains graf wordt ook genoemd in een Welshe bron, de Strofen van de Graven. Dit is een lang gedicht dat verwijst naar de rustplaatsen van talloze figuren uit de Welshe geschiedenis en legenden. Eén van de regels heeft het over Gawain en noemt hem bij de Welshe vorm van zijn naam, Gwalchmai. Deze luidt:
“Het graf van Gwalchmai is in Peryddon, waar de negende golf stroomt.”
Volgens deze regel werd Gawain begraven op een plaats genaamd Peryddon. De spelling die daadwerkelijk in de Welshe tekst wordt gebruikt, is ‘Periton’, maar ‘Peryddon’ wordt beschouwd als de moderne Welshe vorm.
De locatie van Peryddon is omstreden en nog steeds onderwerp van debat. In Zuidoost-Wales, in Gwent, is een rivier met deze naam overgeleverd. Dit is echter onverenigbaar met de locatie in Zuidwest-Wales die Willem van Malmesbury claimt.
Deze plaatsnaam is ook overgeleverd als een andere naam voor de rivier de Dee, die door een groot deel van Noord-Wales stroomt. Net als bij de eerdere identificatie is dit onverenigbaar met de locatie die Willem van Malmesbury aangeeft.
Het tiende-eeuwse gedicht Armes Prydein noemt echter een zekere Aber Perydon, en de context van het gedicht is gebruikt om te beargumenteren dat dit in Zuid-Wales lag, vermoedelijk dicht bij St David’s in het zuidwesten. Dit zou een locatie helemaal in de zuidwestelijke hoek ondersteunen, dicht bij de regio Rhos.
Deze lijn van bewijs volgend, stelde één geleerde voor dat Peryddon mogelijk de oude naam was van de Sandyhaven Pill, die van Castell Gwalchmai af naar de zee stroomt.
Het begrijpen van Gawains dood
Deze waarschijnlijke locatie van Gawains graf helpt ons de relatie ervan met andere Arthuriaanse bronnen en gebeurtenissen te begrijpen. Herinner u dat Geoffrey van Monmouth zijn dood plaatste bij het eerste conflict tussen Arthur en Mordred, zogenaamd bij Rutupi. Om historische redenen is het duidelijk dat Geoffrey het wat de locatie betreft bij het verkeerde eind had.
In feite wijst het bewijs sterk in de richting dat dit eerste gevecht tussen Arthur en Mordred geïdentificeerd kan worden met een veldslag die in de Welshe traditie bekendstaat als de Slag bij Llongborth. Deze vond vrijwel zeker plaats op Penbryn Beach, waar de naam bewaard is gebleven in het huidige Llamborth, slechts enkele mijlen langs de kust vanaf Cardigan.
Belangrijk is dat de veldslag tussen Arthur en Mordred plaatsvond toen Arthur probeerde terug te keren naar Brittannië nadat hij in Gallië was geweest. Hij zou Llongborth dus vanuit het zuiden hebben bereikt, om Dyfed heen zeilend en langs de kust van Wales varend tot aankomst op Penbryn Beach. Dit zou hem vlak langs de traditionele locatie van Gawains graf hebben gevoerd.
Opvallend genoeg zei Geoffrey van Monmouth niet letterlijk dat Gawain stierf nadat Arthur in de haven was aangekomen. Hij zegt juist dat Gawain een van hen was die diezelfde dag stierven. Misschien probeerde Arthur dan ook aan land te gaan in Dyfed, wat leidde tot een botsing waarbij Gawain om het leven kwam. Arthurs troepen zouden vervolgens langs de kust zijn doorgevaren tot zij Llongborth bereikten.
De traditie die door Willem van Malmesbury is vastgelegd, dat Gawain bij een scheepsramp om het leven kwam, is potentieel verenigbaar met dit scenario. Nog beter verenigbaar zou het zijn met het idee dat Gawains schip op weg van Gallië naar Llongborth werd aangevallen door Mordreds troepen, terwijl Arthurs strijdmacht om Dyfed heen voer.
Conclusie
Samenvattend was Gawain een van Arthurs meest loyale ridders en tevens een van de populairste personages in de hele Arthuriaanse literatuur. Hij was de zoon van de zuster van de koning. Zijn vader was koning Lot van Lothian. Gawains naam is uiterst variabel in de bronnen, waarbij de oorspronkelijke Welshe vorm ‘Gwalchmei’ luidt, ook bekend als Gwalchmai.
Gawain stond erom bekend dat hij in Rome werd opgevoed, in dienst van paus Supplicius. Historisch gezien was dit vermoedelijk paus Pelagius I. Mede daarom was Gawain beroemd om zijn uitzonderlijke morele rechtschapenheid en heiligheid. Een verhaal dat zijn moraal tot het uiterste op de proef stelde, is het beroemde verhaal van Gawain en de Groene Ridder.
Gawain lijkt kort vóór de Slag bij Llongborth te zijn gestorven, helemaal aan het begin van Arthurs conflict met diens neef, Gawains broer, de verraderlijke Mordred. Hij werd begraven nabij Castell Gwalchmai in Dyfed.
Bronnen
Bartrum, Peter, A Welsh Classical Dictionary, 1993
Bromwich, Rachel, Trioedd Ynys Prydein: The Triads of the Island of Britain, 2014
Bromwich, Rachel; Jarman, A O H; Roberts, Brynley F, The Arthur of the Welsh: The Arthurian Legend in Medeival Welsh Literature (Second Edition), 2008
Howells, Caleb, King Arthur: The Man Who Conquered Europe, 2019
https://clasmerdin.blogspot.com/2011/05/modena-archivolt.html







